Mercer | Wet verbeterde premieregeling

Pensioenuitdagingen in beeld

Wet verbeterde premieregeling

Sinds 1 september 2016 is de Wet Verbeterde Premieregeling in werking getreden. Vanaf 1 januari 2018 moet u als werkgever uw werknemers gaan informeren over de keuzemogelijkheden die de DC regeling biedt.

De (beschikbare) premieregeling (of premieovereenkomst) heeft een behoorlijke ontwikkeling doorgemaakt. Stond ooit het behalen van een zo hoog mogelijk beleggingsrendement voorop, tegenwoordig kennen vrijwel alle premieregelingen life-cycles, waarbij het beleggingsrisico voor een deelnemer afneemt, naarmate de pensioendatum dichterbij komt. De volgende stap is dat de communicatie van de premieregeling nog meer dan nu is gericht op de hoogte van het te verwachten pensioen in plaats van op het rendement en het daarbij behorende risico van de verschillende life-cycles in termen van pensioenuitkering.

De nieuwe wet Verbeterde Premieregeling past bij deze verdere ontwikkeling van de premieregeling.

Wat houdt deze wet kort in?

Deelnemers in een premieregeling krijgen bij pensionering de mogelijkheid om in plaats van een vast pensioen een variabel pensioen in te kopen, waarbij ze feitelijk ook na pensionering nog beleggen en de verwachte pensioenuitkering hoger zal zijn. Combinaties van vast en variabel pensioen zijn daarbij ook mogelijk.

Een variabel pensioen is een pensioen dat kan meebewegen met drie onzekere factoren:

  1. Beleggingsresultaten
  2. Ontwikkeling van de levensverwachtingen (macro langlevenrisico)
  3. Sterftersultaat oftewel de afwijking ten opzichte van de in het tarief veronderstelde sterfte (micro langlevenrisico).

Het is niet verplicht om alle drie de elementen te verwerken in een variabel pensioen.

  • Het macro langlevenrisico kan bijvoorbeeld ook worden verzekerd. Een variabel pensioen kan individueel worden vastgesteld of binnen een collectiviteit.
  • Sterfteresultaat kan – ook naar zijn aard – alleen binnen een collectiviteit worden gedeeld.

Het verwerken van deze elementen is vormvrij, zolang maar aan de algemene principes van de wet wordt voldaan. Iedere pensioenuitvoerder kan daarmee dus anders omgaan dan zijn concurrenten, wat maakt dat er op de pensioendatum echt iets is te kiezen voor uw werknemers, doordat er veel verschillende pensioenproducten zijn.

Keerzijde van die medaille is echter dat het voor werknemers moeilijker wordt om op pensioendatum een goede keuze te maken en de behoefte aan individueel advies voor werknemers groter wordt. Als daar geen gehoor aan wordt gegeven is de kans groot dat werknemers door de bomen het bos niet meer zien en geen keuze kunnen/zullen maken. In dat geval zal er niets voor hen veranderen, dan zullen we gewoon het huidige annuïtaire pensioen krijgen.

Wat betekent deze wet voor werknemers?

Een werknemer kan bij zijn uitvoerder desgevraagd aangeven gebruik te willen maken van variabel pensioen. Omdat er dan op de pensioendatum geen vast pensioen hoeft te worden aangekocht, hoeft de pensioenuitvoerder het beleggingsrisico minder snel af te bouwen naar de pensioendatum toe. Daarmee kan uw werknemer dus een hoger pensioenresultaat behalen doordat hij meer risico kan nemen. Dit wordt ook wel aangeduid met ‘doorbeleggen na pensioneren’.

Na ingang van het variabel pensioen zal de pensioentrekker in ieder geval beleggingsrisico blijven lopen. Daarmee kan hij een verhoging van zijn pensioen bewerkstelligen, maar uiteraard loopt hij daarbij ook het risico op een – al dan niet tijdelijk – lager pensioen.

Het aanvangsniveau van het pensioen wordt vastgesteld op basis van de rente die pensioenfondsen ook gebruiken bij het vaststellen van hun verplichtingen, wat min of meer neerkomt op de marktrente die verzekeraars ook gebruiken in hun tariefstelling. Daarmee valt dus in eerste instantie en op eerste gezicht weinig voordeel te behalen voor een werknemer.

Als uit het risicoprofiel van een deelnemer blijkt dat hij bereid en in staat is meer beleggingsrisico te lopen na pensioneren, mag ook een procentueel dalende uitkering worden berekend. Die daling moet zodanig worden vastgesteld dat als het hogere beleggingsresultaat ook wordt behaald de uitkering nominaal uit komt. De maximale daling is 35% van het verschil tussen het aandelenrendement en de risicovrije rente op basis van de rentetermijnstructuur.

Een pensioenuitvoerder moet wel bereid zijn variabel pensioen aan te bieden. De uitvoerder zal het risicoprofiel van een deelnemer moeten bepalen en een bijpassend beleggingsprofiel moeten aanbieden aan de deelnemer.

De belangrijkste onderdelen van deze wet, gelden na pensionering. Omdat een werknemer bij pensionering gaat shoppen bij pensioenuitvoerders voor de aanwending van zijn opgebouwde kapitaal, is het met name voor werknemers van belang wat daarbij zijn keuzes worden. Omdat dit complexe materie betreft zal hij zich daarbij (willen) laten adviseren door een financieel adviseur.

Wat zijn de belangrijkste keuzes voor een werkgever?

De variabele pensioenuitkering is een variant is binnen de premieregeling, de pensioenovereenkomst tussen werkgever en werknemers zal wezenlijk net anders worden. Bijvoorbeeld de premiestaffel wijzigt er niet door.

Als de werkgever de pensioenregeling heeft ondergebracht bij een pensioenfonds, zal het pensioenfonds de doelstelling van de premieregeling en de risicohouding met de sociale partners moeten afstemmen.

Per 1 januari  2018 zullen werkgevers werknemers met een DC regeling wel moeten informeren over hun keuzemogelijkheid tussen een vaste -en variabele uitkering.

Wat zijn de belangrijkste keuzes voor een pensioenfonds?

De belangrijkste keuze voor een fonds is of het wel of niet een variabele uitkering gaat aanbieden. Uiteraard speelt dit alleen bij die fondsen die momenteel (ook) een premieregeling uitvoeren of in de toekomst gaan uitvoeren.

Een fonds hoeft geen variabel pensioen aan te bieden. En als een fonds dat niet doet, dan is de administratieve last van deze wet in ieder geval veel lichter.

Als het fonds wel variabel pensioen gaat aanbieden is weer een keuze of dit wordt uitbesteed of volledig in eigen beheer wordt verzorgd. Het mag duidelijk zijn dat de opzet en administratie van een variabel pensioen geen sinecure is. Hoe kleiner het fonds is, hoe meer dit lijkt te pleiten voor uitbesteding of zelfs het niet aanbieden van een variabel pensioen.

Maar ook als een fonds geen variabel pensioen aanbiedt, dan nog heeft deze wet gevolgen voor het fonds. Dit blijkt ook duidelijk uit een aantal factsheets die DNB heeft gepubliceerd over de uitvoering van een premieregeling.

Wat zijn dan die gevolgen voor een pensioenuitvoerder?

Ongeacht of de pensioenuitvoerder een variabel pensioen  aanbiedt, moet hij in de opbouwfase uitvragen of een deelnemer te zijner tijd een vast of een variabel pensioen wil en moet hij daar in zijn beleggingsbeleid rekening houden. Een pensioenuitvoerder krijgt hiervoor de tijd tot
1 januari 2018 of tot de eerdere datum waarop hij een variabel pensioen gaat aanbieden. Het beleggingsbeleid moet per beleggingsprofiel passen binnen de prudent person regel.

Een pensioenuitvoerder zal dus op termijn extra beleggingsmogelijkheden moeten aanbieden voor deelnemers die een variabel pensioen willen hebben en zal moeten kijken of die optie aansluit bij het risicoprofiel van die deelnemers.

Ook heeft deze wet gevolgen voor het communicatiebeleid van een pensioenuitvoerder. De leidraad Wet verbeterde premieregeling van AFM kan hierbij houvast bieden.

Verdere overwegingen en advies van Mercer

Zoals gezegd kan deze wet ook gevolgen hebben voor uw beleggingsbeleid. Vraag daarbij kan zijn of u alles zelf gaat ontwikkelen of liever zaken uitbesteed aan partijen die daar kant-en-klare oplossingen voor hebben. Bij uitbesteding zal het ook eenvoudiger zijn om zelf een variabel pensioen aan te bieden.

De wet- en regelgeving stelt verdere eisen aan communicatie. Overwogen kan worden om daar ook in het communicatiebeleid aandacht aan te besteden.

Bij de overwegingen die u moet maken en de implementatie van deze wetgeving kan uw Mercer consultant u goed helpen. Via onderstaand contactformulier kunt u contact opnemen.  

Voor pensioenfondsen hebben wij een concept stappenplan beschikbaar. Aarzel niet contact met ons op te nemen als u daar interesse in heeft.

  Meer weten over deze of andere wetswijzigingen? Neem contact met ons op via onderstaand formulier.

Door te klikken op Verzenden, gaat u akkoord met het gebruik van uw persoonlijke gegevens volgens de Mercer Privacy Statement. Uw persoonlijke informatie kan worden overgedragen voor verwerking buiten het land van uw verblijf, waar de normen voor de bescherming van gegevens verschillend kan zijn.

Vul uw gegevens in en wij nemen zo snel mogelijk contact met u op.
*Verplicht veld