De veranderingen die de nieuwe pensioenwet per 1 januari aanstaande meebrengt, kan veel mensen en bedrijven vragen en twijfels bezorgen. Terwijl het nieuwe stelsel ook veel kansen biedt. Maak pensioenen concreet, geef voorbeelden aan het personeel en COMMUNICEER. Dan gaat het onderwerp leven, voor directie én medewerkers.


Het pensioenstelsel kent vanaf volgend jaar eigenlijk twee grote veranderingen. Op dit moment heeft een heel groot deel van Nederland een zogenoemde middelloonregeling. Een ander deel heeft een beschikbare premieregeling. De belangrijkste wijziging is dat iedereen een beschikbare premieregeling krijgt. Een tweede verandering gaat over de premie die de werkgever en medewerker betalen voor het pensioen. Die kosten nemen in het huidige stelsel toe naarmate iemand ouder wordt. Dat wordt in de toekomst allemaal gelijk. Voor iedereen geldt dan dezelfde premie, of je nu 25 of 50 jaar oud bent.

Flexibilisering
Daarnaast bied het akkoord meer flexibilisering en maatwerk. Zoals met de een verruiming van de verlofspaarregeling. Aankomende 1 januari gaat die van vijftig naar honderd weken, mogelijk een hele interessante aanvulling op de huidige pensioenregeling. Stel: je hebt al wat geld gespaard in die regeling en je moeder of vader wordt ziek. Je zou graag verlof willen opnemen om een van je ouders te verzorgen. Je kan dan bijvoorbeeld dertig uur gaan werken en tien uur verlofsparen opnemen. Op dat moment ben je daar natuurlijk heel erg blij mee, maar weet dat die tien uur wel van je pensioen af gaan. Bedrijven moeten werknemers heel goed bij die life events helpen. Want alles kost geld en je kan het maar één keer uitgeven. Je moet dus weten wat de impact is op je financiële zekerheid ná je pensioendatum.

Bedrijfsspaarregeling
Misschien kom je als bedrijf, na een onderzoek hoe je nieuwe pensioenregeling eruit moet zien, uit op een premie van twintig procent. Dan kun je zeggen: ik stop nog maar tien procent in de pensioenregeling, drie procent in die verlofspaarregeling en voor de overige zeven procent geef ik mensen de keuze om die naar eigen inzicht te besteden.

Dat kan ook een bedrijfsspaarregeling zijn. Stel dat je daar één procent van je premie in stopt. Dat kan dan al de volgende maand worden opgenomen, omdat je dat al gespaard hebt. Zo’n spaarregeling geeft gedurende je hele carrière een financiële zekerheid. Dat is natuurlijk interessant voor een 30-jarige, die op relatief jonge leeftijd misschien nog niet erg stilstaat bij een goed pensioen.

Elk organisatie moet kijken op welke manier die verschillende regelingen passen bij haar beleid. Iedereen zal een andere uitkomst willen. Misschien wil een onderneming wel alles van de premie in het pensioen stoppen omdat verlofsparen niet past bij het bedrijf. Terwijl een andere organisatie juist wel verlofsparen wil aanbieden, omdat het veel jonge werknemers in dienst heeft en het wil kunnen investeren in hun opleiding. Dan is sparen voor het verlof, dat zij voor die scholing moeten opnemen, wel interessant.

Ga het gesprek aan
De wet gaat hoogstwaarschijnlijk 1 januari 2022 in en dan geldt een overgangstermijn tot 1 januari 2026. Dus het is belangrijk dat ondernemingen hun huidige regeling onder de loep nemen en kijken of die het bedrijfsbeleid ondersteunt. En dat ze kijken naar wat allemaal nog meer mogelijk is. Ga nu het gesprek over het nieuwe stelsel aan en dan kun je daarna concluderen: dit kan nog even blijven liggen of ik ga er nu toch mee aan de slag. Uiteraard kunnen wij daar uitstekend bij helpen.